Bergen in model

Inleiding

Bij de wederopbouw van het berggedeelte van de h0-clubbaan in 1997 zijn de bergen volgens een nieuwe methode gebouwd. Door de toepassing van gaas, gipsverband en sierpleister kan snel worden gebouwd, blijven bergen licht in gewicht en zijn toch sterk. Hoe eenvoudig u thuis op uw eigen baan ook deze methode gebruik kunt maken laat dit artikeltje zien.

Benodigdheden

voor bouwmethode 1 - lattenmethode (zie tekst)

  • restjes latten, multiplex
  • stevig staaldraad
  • vlechtdraad (voor betonijzer, verkrijgbaar bij iedere bouwmarkt)

voor bouwmethode 2 - schottenmethode (zie tekst)

  • platen multiplex, dik 12 of 15 mm
  • schroeven
  • lijm

voor bouwmethode 3 - betonijzermethode (zie tekst)

  • betonijzer rond 8 mm
  • grote krammen
  • betonijzer vlechtdraad (verkrijgbaar bij iedere bouwmarkt)

Overige materialen

  • fijnmazig gaas (honingraadvormig)
  • nietten of krammen
  • gipsverband (verkrijgbaar bij de apotheek)
  • modelbouw gips
  • sierpleister (grof, korrelgrootte 3 mm)
  • zand voor in vogelkooien
  • waterverdunbare houtlijm
  • depersie verf (waterverdunbaar) in de kleuren zwart, bruin, evt. de kleuren olijfgroen en geel

gereedschap

  • hamer
  • boormachine
  • lijmklemmen
  • nietapparaat (tacker)
  • zijkniptang
  • decoupeerzaag
  • schroevendraaier of accuschroefmachine
  • bloemenspuit
  • smal plamuurmes
  • grote, ronde kwast
  • stanleymes of schaar
  • roerstokjes

Beschrijving

Ruwbouw

Met ruwbouw van het landschap wordt bedoeld de ondergrond waarop het uiteindelijke berglandschap op wordt gemodelleerd. De ruwbouw geeft ruwweg de hoogtelijnen van het landschap aan. De uiteindelijke vorm ontstaat pas in een later stadium door gebruik te maken van gaas.

De ruwbouw van de bergen kan op drie manieren worden gemaakt:

  1. lattenmethode
  2. schottenmethode
  3. betonijzermethode
Methode 1 - lattenmethode

Met restjes van latten/multiplex worden ruwweg de hoogste en laagste punten van het landschap aangegeven. Schroef, spijker of lijm de latten stevig aan de onderbouw van de modelbaan vast. Verbind de hoogste en laagste punten met elkaar door stevig ijzerdraad. Zorg er wel voor dat het ijzerdraad niet te strak tussen de latten is gespannen. Het ijzerdraad kan met nietten of krammen aan het lattenwerk worden bevestigd. Plaats eventueel nog enkele verstevigingslatten. Buig vervolgens het ijzerdraad in de gewenste vorm gebuigen. Dit is de basis waarop later het gaas wordt gespannen met behulp van vlechtdraad.

Methode 2 - schottenmethode

Met de schottenmethode wordt bedoeld dat op gezette plaatsen op de onderbouw van de modelbaan multiplexschotten worden geplaatst die in de vorm van het landschap zijn uitgezaagd.
Het voordeel van deze methode is dat de schotten tevens gebruikt kunnen worden als steun voor sporen die op verschillende hoogten door het landschap moeten worden gelegd. Een tweede voordeel is dat de bergen erg sterk en vormvast worden.

Zaag gaten op die plaatsen in de schotten waar u de rails heeft liggen. Maak de gaten groot genoeg zodat ook breede rijtuigen er ruim doorheen passen. Wanneer een dergelijk gat in een boog in de rails komt maak het gat dan zo breedt dat ook de langste rijtuigen er ruim doorheen passen.

De schotten kunnen als een soort compartimenten gaan werken. Zorg er bij deze methode wel voor dat u ten alle tijde over met de handen bij kunt komen. Er kan immers altijd een trein ontsporen.

Plaats de schotten niet verder van elkaar als 60 cm.

Methode 3 - betonijzermethode

Betonijzer laat zich met een buigijzer in de gewenste vorm buigen. Door passende gaten in de onderbouw van de modelbaan te boren kan het betonijzer aan de onderbouw worden bevestigd. Ook kan het betonijzer met grote krammen aan de onderbouw worden bevestigd.
Aan het betonijzer kan geen ondergrond voor railmateriaal worden bevestigd zoals bij de schottenmethode omdat betonijzer moeilijk vormvast aan de onderbouw van de baan kan worden bevestigd.

Omdat betonijzer lastig vormvast aan de baan te maken is. wordt geadviseerd de betonijzerconstructies niet verder uitelkaar te plaatsten dan 40 á 50 cm.

De zo vormgegeven ruwbouw kan gebruikt worden om gaas aanvast te binden met betonijzer vlechtdraad.

Wegen en paden

In een heuvelachtige landschap lopen ook vaak paden. Meestal zijn dit onverharde paden. Bij de ruwbouw moet al rekening worden gehouden met deze paden. De ondergrond van een dergelijk pad kan bestaan uit smalle strips triplex. Een pad heeft in werkelijkheid ongeveer een breedte van 3 m (in h0 komt dat neer op ± 3,5 cm).
Met behulp van modelgips kan het pad vorm worden gegeven.

Tunnelportalen en steunmuren

Wanneer in de bergen tunnelportalen en steunmuren moeten worden gebouwd, dan is dat nu het moment om het framewerk daar voor te plaatsen.

Het beste is dat tunnelportalen en steunmuren tegen een houten (bijvoorkeur multiplex, dik 12 mm) frame worden geplaatst. Zorg er voor dat het houten frame van tunnelportaal en steunmuur aan de bovenzijde ongeveer 2 á 3 mm onder de bovenrand van het portaal komt. Op deze manier vallen de nieten of spijkertjes waarmee het gaas aan het frame wordt bevestigd niet meer op.
Lijm met behulp van montagekit tunnelportaal en steunmuren tegen het frame.
Breng vervolgens de geschilderde schaaldelen voor het binnenwerk van tunnels aan. Zodra het gaas vastgezet is kunt u daar met goed fatsoen niet meer bij.

Voor het zelf maken en plaatsen van tunnelportalen van gips verwijzen wij naar het artikel dat al eens op onze website is verschenen.

Spooklicht

Na de plaatsing van de portalen, is het tijd om na te denken van waaruit het licht vanonder het berglandschap kan komen. Daarbij valt te denken aan licht dat vanuit het schaduwstation komt waar u een lichtpunt heeft aangebracht om het werken daar eenvoudiger te maken. Of denk aan verlichting die u onder de baan heeft aangebracht. Dit is met name van belang indien u de treintafel volgens de open bouwmethode heeft gebouwd.
Dit zogenaamde spooklicht moet voorkomen worden. Niets kan de sfeer van een perfect modelbaan meer verstoren dan wanneer vanuit een tunnel u licht tegemoet schijnt.
Spooklicht kan worden voorkomen door het op strategische plekken van schotten van triplex of etalagekarton te plaatsen. De voorkeur gaat uit naar etalagekarton omdat dit makkelijker te vormen is. Schilder de schotten bijvoorkeur matzwart. Dit voorkomt dat licht als nog door het karton of triplex wordt weerkaatst.

Gaas

De ondergrond van het landschap wordt gevormt door gebruik te maken van fijnmazig kippengaas. Gebruik bijvoorkeur gegalvaniseerd gaas, omdat gips in combinatie met water een chemische verbinding veroorzaakt waardoor ijzer kan gaan roesten.
Gebruik kippengaas dat 6-hoekig van vorm is. Dit gaas is later makkelijker te modelleren dan het vierkante gaas.

Leg op de ruwbouw matten van gaas en bind deze met vlechtdraad aan het ijzerdraad (of betonijzeren) ondergrond.
Indien gebruik wordt gemaakt van multiplexschotten, kan met een tacker of krammen het gaas aan de schotten worden bevestigd.
Bij de tunnelportalen kan het gaas voorzichtig aan het houten frame van het tunnelportaal worden geniet of gespijkers. Denk er om dat gipsen portalen en schaaldelen ontzettend snel breken indien het een tik van de tacker of hamer krijgen. Dit geldt uiteraard ook voor gipsen steunmuren.

Vorm vervolgens het gazen landschap naar wens door flink aan het gaas te trekken en te buigen. Wees niet bang stukken scherp te buigen. Later worden deze scherpe hoeken enigszinds afgerond en verzacht.

Gipsverband

Nu is het de beurt aan het gipsverband.
Wanneer gips wordt aangebracht boven of nabij railmateriaal moet dit goed afgedekt worden. Het natte gips maakt de dwarsliggers van het railmateriaal erg smerig wat zich slecht laat verwijderen.
Gebruikers van Märklinrailmateriaal dienen helemaal goed op te passen omdat het gipswater de ijzeren middencontacten snel laat corroderen!

Snijd of knip de rollen gipsverband in stukken van 30 á 40 cm. Drapeer de droge stukken gipsverband in diagonaal liggende lagen op de gazen ondergrond. Gebruik minimaal 2 lagen om e.e.a. sterkte te geven en dicht te krijgen (gipsverband kan door het aanbrengen soms scheuren).
deze stukken droog over het gaas. Gebruik een bloemenspuit om de stukken gipsverband nat te maken. Met de vingers of een kwast kan het gaas worden aangedrukt zodat de lagen gipsverband goed aan elkaar worden hechten.
Laat het gips minimaal 1 dag goed drogen en uitharden.

Sierpleister

Op het uitgeharde gipsverband wordt een laag sierpleister aangebracht.
Breng de sierpleister met zwarte en bruine dispersieverf op een lichte, grijsbruine kleur. Dit wordt gedaan om later, als er beschadigingen optreden, er niet de nare witte kleur te voorschijn komt. Tevens is de lichte, grijsbruine kleur een goede ondergrond om later de kleur van rotsen verder na te bootsen.

Sierpleister laat zich het beste aanbrengen met een smal plamuurmes en/of een grote, ronde kwast. De kwast is handig om in kleine hoekjes te kunnen werken.
Zorg er voor dat de laag sierpleister niet te dun, maar zeker ook niet te dik (geeft lopers) is en gebruik het plamuurmes om bijvoorbeeld de laagstructuur van rotsen na te bootsen.
Details als geulen, fijn hakwerk, fijne gelaagdheid in de rotsen enz. kan het beste naderhand worden gemodelleerd met modelbouwgips.
Laat ook de sierpleister goed drogen en uitharden.

Een berglandschap dat op deze manier gebouwd is is nog niet af maar is wel de basis voor een natuurgetrouwe afwerking. Dit wordt in een volgend artikel wordt behandeld.

Succes


© J. Bijlsma, Veenwouden